Het uitrekenen van het aantal tanden c.q. van de tandsteek:
Tandsteek = π x ⌀ ÷ Aantalen tanden
Aantal tanden = π x ⌀ ÷ Tandsteek
Aanbevelingen:
Kies de diameter zo klein mogelijk om de meeste stabiele situatie te verkrijgen
- Kies de maximale zaagbreedte.
- Kies bij afkorten t/m 125mm diamtereen zaagbreedte gelijk of groter dan de diameter gedeeld door 50. Voor zagen groter dan 125mm is de minimumbreedte 3mm.
- Kies zorgvuldig de juiste zaag en zorg dat deze scherp is.
- Ondersteun de zaag optimaal met behulp van steunflenzen.
- Gebruik niet dezelfde zaag voor verschillende materialen.
- Zorg voor een stabiele werkstukopspanning.
- Stop en start de zaag nooit tijdens de verspaningsgang.
Tandsteek in milimeter | Toepassing |
3 | Zagen van profielen en pijpen een wanddikte van ≥ 0,6 ≤ 1,5mm |
4 | Zagen van profielen en pijpen een wanddikte van ≥ 1,5 ≤ 3,0mm |
5 | Zagen van profielen, pijp en staf met wanddikte van ≥ 3,0 ≤ 20,0mm |
6 | Zagen van profielen, pijp en staf met wanddikte van ≥ 3,0 ≤ 20,0mm |
8 | Zagen van profielen en staf een wanddikte van < 50,0mm |
12 | Zagen van profielen en staf een wanddikte van > 50,0mm |
Probleem met het zagen en hun oplossing:
Het afbrokkelen van de snijkant:
- Tandsteek te groot.
- Foutieve spaanhoek.
- Snijsnelheid te laag.
- Voeding te hoog t.o.v. toerental.
Het verlopen van de zaag:
- Voorsnijder niet in het midden.
- Vuil en . of spanen tussen zag en klemplaat.
- Tanden niet haaks t.o.v. het blad.
- Zaag niet goed op de as.
- Zaaglbad niet recht.